Gezondheid
5G en gezondheid
Hoe gezond is 5G? Blootstellingslimieten en stralingsnormen beperken de impact op onze gezondheid. Om te begrijpen wat dat precies is, duiken we in de wereld van de elektromagnetische straling.
In deze studie hebben de onderzoekers geanalyseerd of plaatselijke blootstelling aan elektromagnetische velden die gelijkwaardig zijn aan deze die worden gebruikt voor mobiele communicatie (RF-EMV, 900 MHz) en die alleen op de kop van ratten wordt toegepast, de neuronale activiteit (dat wil zeggen de reeks elektrische en chemische signalen die door neuronen worden geproduceerd om met elkaar te communiceren) kan veranderen en zo het geheugen of leervermogen kan beïnvloeden.
In hun studie voerden de onderzoekers twee grote, afzonderlijke experimenten uit op mannelijke ratten.
De eerste had als doelstelling het beoordelen van de effecten van een acute blootstelling, d.w.z. korte en niet-herhaalde blootstelling, op de neuronale activiteit. De ratten werden willekeurig verdeeld in zes groepen van negen en werden elk gedurende 2 uur in rustomstandigheden blootgesteld, aan verschillende niveaus van RF-EMV, uitgedrukt in BASAR (Brain Average Specific Absorption Rate of het gemiddelde specifieke absorptietempo (SAR) van de hersenen. De BASAR, uitgedrukt in watt per kilogram (W/kg), houdt rekening met de hoeveelheid energie die hier gemiddeld door de hersenen wordt geabsorbeerd tijdens een blootstelling aan RF-EMV):
Het tweede experiment had tot doel de effecten te observeren van een subchronische blootstelling, d.w.z. een herhaalde blootstelling aan RF-EMV gedurende een beperkte duur tussen acute (korte) en chronische (lange) blootstelling. Het gaat hier om een blootstelling aan RF-EMV, gedurende 45 minuten per dag, gedurende een periode van 10 of 14 dagen, afhankelijk van de test. Ratten werden verdeeld in 4 groepen van 12 ratten elk en werden onderworpen aan de hieronder beschreven taken:
Voor elk van deze groepen werden ratten vervolgens verdeeld in twee afzonderlijke subgroepen (van 6 ratten/groep) om slechts één van de twee geheugentests uit te voeren. Het aantal fouten en de tijd die nodig was om de taak uit te voeren, werden geregistreerd om de prestaties in deze tests te evalueren.
De onderzoekers beoordeelden ook of de blootstelling een verandering in de neuronale activiteit (zoals hierboven beschreven) bij de ratten veroorzaakte door een specifieke marker voor deze activiteit in de verschillende hersengebieden op te sporen.
Uit de resultaten van het onderzoek blijkt dat de blootstelling aan acute RF-EMV (2 uur) de hersenactiviteit in bepaalde hersengebieden van de ratten die alleen aan 1 W/kg werden blootgesteld significant veranderde in vergelijking met de schijngroep. Met betrekking tot herhaalde blootstellingen gedurende meerdere dagen (1 en 3,5 W/kg), zagen de onderzoekers een significante daling van de neuronale activiteit in sommige gebieden in vergelijking met de schijngroep. Deze veranderingen in neuronale activiteit gingen echter niet gepaard met een afname van de prestaties tijdens de gebruikte tests.
De onderzoekers concluderen dat blootstelling aan RF-EMV, zelfs bij lage dosissen, lokale veranderingen in de hersenactiviteit kan veroorzaken. Deze veranderingen gaan echter niet gepaard met meetbare cognitieve effecten (d.w.z. op het geheugen of leervermogen) onder de omstandigheden en met de hier gebruikte tests. Zij benadrukken dat de waargenomen effecten een weerspiegeling kunnen zijn van een aanpassing van de hersenen aan de blootstelling en benadrukken de noodzaak van verder onderzoek met gevoeligere tests, langere blootstellingstijden of meer diepgaande cellulaire analyses om mogelijke gevolgen op lange termijn te beoordelen.
Deze studie werd over het algemeen goed uitgevoerd volgens verschillende erkende criteria, waardoor het mogelijk werd experimentele biases te beperken, dat wil zeggen systematische fouten die de resultaten van een studie kunnen verstoren, hetzij door de waargenomen effecten te versterken, hetzij door ze te verminderen. De belangrijkste criteria waaraan in deze studie wordt voldaan, zijn de volgende:
Naast de voorzorgsmaatregelen die de auteurs hebben genomen met betrekking tot hun conclusies, is het ook belangrijk om in gedachten te houden dat dit een enkele studie is, uitgevoerd op diermodellen (ratten) en niet op mensen. De resultaten die duiden op gelokaliseerde veranderingen in de hersenactiviteit, zonder invloed op het cognitieve niveau, waargenomen bij ratten, kunnen daarom niet direct worden geëxtrapoleerd naar mensen zonder verder onderzoek.