Gevoeligheid voor draadloze technologieën en comorbiditeiten: een prevalentiestudie in Australië, Canada en de Verenigde Staten

Building blocks

McCredden, J.E., McLean, L., Steinemann, A.

Content

Deze studie wilde achterhalen hoeveel personen uit de Verenigde Staten, Australië en Canada getroffen worden door gevoeligheid voor draadloze technologieën, dat wil zeggen het verschijnen van symptomen zoals hoofdpijn, duizelingen of oorsuizen tijdens de blootstelling aan radiofrequente elektromagnetische velden (RF-EMV's) en wat de verhouding was van de personen met een diagnose van elektrohypersensitiviteit (EHS). De studie heeft ook onderzocht of die gevoeligheid gepaard gaat met andere reeds gekende gezondheidsproblemen, zoals meervoudige chemische overgevoeligheid, astma, autisme of de gevoeligheid voor parfums.

Content

Hiervoor hebben de onderzoekers de antwoorden van 3475 volwassenen tussen 18 en 65 jaar in de drie landen verzameld. De deelnemers werden gerekruteerd via grote online-enquêtes en geselecteerd om de algemene bevolking volgens leeftijd, geslacht en regio te vertegenwoordigen.

De resultaten tonen dat ongeveer een op acht personen verklaart gevoelig te zijn voor draadloze technologieën (12,6%) en een gelijkaardig gedeelte kreeg de diagnose EHS (10%). In totaal rapporteert ongeveer een persoon op zeven (14%) een van die twee situaties of allebei tegelijk. Het zijn voornamelijk mannen tussen 25 en 34 jaar die verhoudingsgewijs het meest getroffen worden (een resultaat dat in contrast staat met wat we doorgaans waarnemen, waarbij het eerder vrouwen zijn die getroffen worden). De overgrote meerderheid van personen die verklaren gevoelig te zijn voor RF-EMV's melden ook andere problemen, in het bijzonder een chemische overgevoeligheid, een gevoeligheid voor parfums, astma of autisme. De onderzoekers schatten dat het aantal volwassenen met een gevoeligheid voor RF-EMV's en de bijbehorende symptomen meer zou kunnen zijn dan 26 miljoen in die drie landen.

Deze studie bevat echter belangrijke beperkingen. Het gaat om een onderzoek op basis van zelfrapportage:: de resultaten steunen volledig op wat de deelnemers zelf rapporteren, zonder objectieve metingen van de blootstelling aan RF-EMV’s. De studie laat dus niet toe een oorzakelijk verband te bepalen, maar enkel om statistische verbanden te identificeren tussen de onderzochte factoren en het percentage personen dat aangeeft gevoelig te zijn voor RF-EMV. Het onlineformaat van deze vragenlijst kan ook de resultaten beïnvloed hebben doordat het bepaalde personen aantrekt die erg getroffen zijn, en tegelijk anderen uitsluit die het gebruik van schermen beperken. De steekproef beperkt zich overigens tot volwassenen tussen 18 en 65 jaar, waardoor een deel van de bevolking, zoals oudere personen, uitgesloten wordt. Tenslotte berust de beoordeling van de gevoeligheid op slechts één vraag over het toeschrijven van de gevoeligheid aan draadloze toestellen, terwijl verschillende werken suggereren dat een aanpak gebaseerd op meerdere vragen verkieslijk zou zijn om die gevoeligheid beter in kaart te brengen. Bovendien laten de beschikbare gegevens,  bij de huidige stand van de kennis, niet toe om een duidelijk oorzakelijk verband te bepalen tussen de blootstelling aan RF-EMV's en de gemelde symptomen, wat de interpretatie van de resultaten ingewikkeld maakt. De onderzoekers hebben evenwel verschillende belangrijke kwaliteitscriteria nageleefd. De vragenlijst is over een periode van twee jaar ontwikkeld en verfijnd, met tests bij kleine groepen deelnemers om na te gaan of iedereen de gestelde vragen begreep voor ze op grote schaal werden doorgevoerd. De deelnemers hebben niet vrijwillig kunnen deelnemen: ze zijn willekeurig geselecteerd uit grote bestaande panels, vervolgens gesorteerd, opdat de uiteindelijke groep getrouw de leeftijd, het geslacht en de regio van de bevolking van elk land weerspiegelt. De studie volgt ten slotte de STROBE-aanbevelingen. STROBE is een verzameling van criteria bedoeld om de kwaliteit en de transparantie van epidemiologische observationele studies te verbeteren.

Samengevat geeft deze studie aan dat een groot deel van de bevolking van de Verenigde Staten, Canada en Australië verklaart symptomen te voelen die zij associëren met RF-EMV's, vaak in combinatie met andere gevoeligheden. Aangezien die symptomen echter niet medisch bevestigd zijn geweest en dat de werkelijke blootstelling aan RF-EMV's niet gemeten is, stelt de studie niet in staat een oorzakelijk verband te bevestigen. Er zijn nog diepgaandere studies nodig.